3. Afbakening van bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de organen en zijn verankering in de statuten

3.1. Algemene Vergadering

De Algemene Vergadering heeft alle bevoegdheden, oefent alle bevoegdheden uit op basis van de wet, het decreet of de statuten en delegeert bevoegdheden aan de Raad van Bestuur.

De wettelijke basis hiervoor vindt men terug in diverse artikelen van de statuten.

 

3.2. De Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur is, na de Algemene Vergadering, het hoogste gezagsorgaan binnen IGL. De Raad van Bestuur heeft de meest ruime bevoegdheid inzake alle materies en delegeert zijn bevoegdheid op bepaalde domeinen aan andere beslissingsorganen.

Zie hiervoor artikel 25 van de statuten.

 

3.3. Het Bestuurscomité

  • Het Bestuurscomité is bevoegd voor het nemen van beslissingen op de gedelegeerde domeinen.
  • Het Bestuurscomité ziet toe op de werking van het algemeen secretariaat van de bestuursorganen.
  • Het Bestuurscomité ziet toe op de werking van de drie activiteitencentra (instellingen).
  • Het Bestuurscomité functioneert als bureau voor de Raad van Bestuur en bereidt de bespreking en besluitvorming van de Raad van Bestuur voor.

Zie hiervoor artikel 26 van de statuten.

 

3.4. Het directiecomité

Op basis van artikel 32 lid 1 en 2 van de statuten is het noodzakelijk – teneinde het “B & O model” te realiseren – dat een directiecomité wordt opgericht.

De samenstelling en de taken van dit directiecomité kunnen als volgt worden omschreven:

  • Het directiecomité is samengesteld uit de directeuren van de activiteitencentra.
  • Het directiecomité staat voor het uitwisselen van beleid en strategie van de aparte activiteitencentra.
  • Het directiecomité staat voor het vaststellen en ontwikkelen van samenwerkingskansen.
  • Het directiecomité staat voor het benoemen van de beleidsdomeinen waarrond samengewerkt gaat worden.
  • Het directiecomité staat voor het aansturen en het beheer van de beleidsdomeinen waarrond samengewerkt wordt.
  • Het directiecomité is verantwoordelijk voor het beheer van de beleidsdomeinen die samenvallen met IGL als rechtspersoon: beheer van één boekhouding  (beleidsdomein boekhouding/financiën), beheer van één administratief en geldelijk statuut (beleidsdomein personeel).
  • Het directiecomité duidt een operationele directeur aan die verantwoordelijk wordt gemaakt voor het beheer van het beleidsdomein waarrond samengewerkt wordt. Het directiecomité blijft eindverantwoordelijke.
  • Het directiecomité duidt een operationele directeur aan die IGL kan vertegenwoordigen voor het beleidsdomein waarrond samengewerkt wordt.
  • Het directiecomité dient verantwoording af te leggen aan de bestuursorganen over de beleidsdomeinen waarrond samengewerkt wordt, inclusief de domeinen die verbonden zijn aan IGL als rechtspersoon.
  • Voor beleidsspecifieke materies kunnen de directeuren zich laten bijstaan door de operationele directeuren van de resp. activiteitencentra.
  • Het directiecomité legt verantwoording af aan het Bestuurscomité.  Deze verantwoording vertaalt zich in het presenteren en toelichten van dossiers, cijfermateriaal, nota’s.  Het Bestuurscomité bevestigd/bekrachtigd de handelingen en beslissingen van het directiecomité.

 

3.5. Directeur

  • Elke directeur staat voor het beleid, strategie en het dagelijks beheer van zijn activiteitencentrum, en dit binnen de afgesproken grenzen van zijn werkingsautonomie.
  • Elke directeur staat voor het samenwerken met diverse instanties zoals subsidiërende overheden, provinciebestuur, maatschappijen, banken, wat inhoudt dat elke directeur voor zijn bevoegdheid IGL kan vertegenwoordigen/verbinden voor wat betreft de bevoegdheden van zijn kernopdracht.
  • Elke directeur verzorgt de public relations van zijn activiteitencentrum.
  • Elke directeur dient verantwoording af te leggen aan het Bestuurscomité en de Raad van Bestuur over het beleid, dagelijks beheer en werking van zijn activiteitencentrum.
  • De verantwoording vertaalt zich in het presenteren en toelichten van dossiers, cijfermateriaal, nota’s.
  • Voor beleidsspecifieke materies kan een directeur zich laten bijstaan door een operationele directeur.

Zie hiervoor artikel 27 van de statuten.

 

3.6. Secretaris

De secretaris heeft twee rollen. Bij aanstelling van een nieuwe secretaris zal beslist worden of de twee rollen gecontinueerd worden.

Rol 1: m.b.t. het Algemeen secretariaat I.G.L.

  • De secretaris is verantwoordelijk voor de goede werking van het algemeen secretariaat van de bestuursorganen.
  • De secretaris zorgt voor de administratieve en praktische ondersteuning van de bestuursorganen in opdracht van de individuele directeuren van de activiteitencentra en/of het directiecomité.
  • De secretaris bereidt samen met de directeur  van het activiteitencentrum  en/of het directiecomité de agenda, planning van de bestuursorganen voor.
  • De secretaris zorgt voor de verslaggeving van al de bestuursorganen.
  • De verslaggeving van het directiecomité hoort aan het directiecomité zelf toe.
  • De secretaris zorgt dat de input van het directiecomité (overkoepelende diensten o.a. de diensten die samenvallen met IGL als rechtspersoon) en de activiteitencentra samengebracht en presenteerbaar gemaakt worden voor de bestuursorganen.
  • De secretaris zorgt voor een digitaal toegankelijke administratie voor de drie directeuren, statuten, verslaggeving bestuursorganen, jaarverslag.
  • De secretaris dient verantwoording af te leggen aan het Bestuurscomité en de Raad van Bestuur over zijn beheer en werking en aan het directiecomité voor de opdrachten gegeven door de individuele directeuren van de activiteitencentra en/of het directiecomité.  Zie hiervoor artikel 27 van de statuten.

Rol 2: m.b.t. de ad hoc opdrachten van het directiecomité

  • Bijkomende ad hoc opdrachten vertrekken vanuit het directiecomité IGL: in het bijzonder op het administratieve terrein en op informatica vlak.
  • De secretaris dient verantwoording af te leggen aan het directiecomité, betreffende de door het directiecomité aan hem toevertrouwde opdrachten.

Op basis van artikel 32 lid 1 en 2 van de statuten is het noodzakelijk – teneinde het “ onderhavige B & O model” te realiseren – dat de secretaris belast kan worden vanuit het directiecomité met ad hoc opdrachten.

 

3.7. Organogram